…and let the past become our fate

Hij was misschien niet te laat. Hij fietste door de stad, door de kou en bleef staan voor een rood stoplicht. Hij stond aan een duistere kade.
Men moest meester zijn over zijn tijd, dacht hij en hij keek om zich heen. Het water glansde op het punt van bevriezen. Aan de overkant kromden de bomen zich en rilden in de wind.
Over het water, dacht hij, over het water en hij nam de brug. Bleef staan, aarzelde.
Wat was dan dit bestaan, dat overal en nergens voor stond. Hij vroeg het zich af: misschien… Maar misschien was het niet het uitgelezen uur, niet het goede moment, had hij zijn dag niet.
De overmeestering van de tijd, waarvoor men sterker moest zijn dan de wereld, sterker dan Atlas, die, zoals men weet, de wereld allang niet meer op zijn schouders draagt, maar haar wiegt in reusachtige armen, en daar gelijk in heeft, want je kan niet eeuwig de wereld op je schouders dragen, bovendien hadden ze vanaf Mercurius al geklaagd dat er zo niets meer te zien viel, van de ruimte welteverstaan die maar doorgaat en doorgaat en waarvan men de plot inmiddels wel kwijt is, die overmeestering dus – die bleef uit, de tijd was vrij en werd door niemand, niemand vertegenwoordigd.
Niet mijn tijd, dacht hij. Er is geen tijd. De volgende keer, dacht hij, moest ik me maar liever wat meer haasten.

Geef een reactie

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log Out / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log Out / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log Out / Bijwerken )

Verbinden met %s